nederpunk.punt.nl
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties
    Dr. Rat, Godfather van de Nederlandse Graffiti door Martijn Haas
     
    Hij wordt regelmatig genoemd op deze site, Ivar Vics (1960-1981) alias Dr. Rat.
    Martijs Haas, die in 2010 bij uitgeverij Lebowski Publishers al een interessant boek uitbracht over de S.K.G. (Stads Kunst Guerilla) waarvan Ivar ook deel uitmaakte, schreef zijn biografie.

    Afgelopen woensdag 29 juni 2011 werd het boek gepresenteerd in twee sfeervolle bijeenkomsten, één bij het IISG op de Cruquiusweg 31 (waar nog tot 6 juli een tentoonstelling over Ivar te zien zal zijn) en één in de Talentfactory aan het IJplein
    in Amsterdam Noord. X-Offenders met onder meer Bugs-bassiste Simone Mansveld en de legendarische Helmettes (voor de gelegenheid een duo bestaande uit Joris Pelgrom en Pieter Kooyman (ook de gitarist van Mecano en God's Heart Attack) Vrienden en bekenden van Ivar (en natuurlijk ook ondergetekende) waren aanwezig.
     
    Lebowski had het evenement, net als in mei toen mijn vriend Dirk Polak zijn boek Mecano, Een Muzikaal Egodocument presenteerde, weer prima georganiseerd, onder meer met de verkiezing van de derde Prix du Graffiti (de eerste werd in 1978 gewonnen door Dr. Rat zelf) die deze keer gewonnen werd door Laser 3.14. Zonder iets af te doen aan het grote talent van deze kunstenaar, was het in mijn optiek wel jammer dat de jonge generatie, onder meer vertegenwoordigd door Amsterdam(ned), er niet met de prijs vandoor ging.
     
    Het boek van Martijn Haas leest als een trein en heb ik dan ook nauwelijks kunnen neerleggen. Met behulp van overigens zeer natuurlijke stimulanten (met dank aan Doctor B.) heb ik het dan ook vrijwel in één ruk uitgelezen. Het schetst een mooi tijdsbeeld, het is net of je in een teletijdmachine een reis terug naar eind jaren zeventig, begin jaren tachtig maakt. Zelf heb ik Ivar nauwelijks gekend (ik heb één keer gezien hoe hij een prullenbak in de fik stak) maar ik heb de tijd waarin hij actief was als kunstenaar en de Amsterdamse punkscene vanaf 1978 wel bewust meegemaakt. Voor Martijn (geboren in 1971) geldt dat niet, en daarom vind ik het knap dat hij toch in staat is geweest de sfeer en toonzetting van Ivar's bloeiperiode fraai neer te zetten. Daarbij schuwt hij de duistere kant van Ivar niet en hij staat ook regelmatig stil bij diens extremistische natuur. Bijzonder raak is de passage over de lievelingskleur van Ivar (het donkergroen van regenpijpen) dat volgens zijn moeder Henriette een soort contrast vormde met zijn zeer vurige inborst. Het was het gedeelte uit de radiodocumentaire van Andrea Bouma uit 1983 dat mij het meest is bijgebleven.
     
    Aan het eind van het boek wordt Ivar in perspectief geplaatst en wordt zijn invloed op de generatie kunstenaars na hem besproken. Dit gedeelte had misschien wel wat uitgebreider kunnen zijn, maar geeft wel een goed beeld van de ontwikkelingen na zijn helaas vroegtijdige dood.
     
    Dit boek is zeker een aanrader voor iedereen die interesse heeft in de culturele en sociale geschiedenis van de in het boek beschreven periode alsmede in de nederpunk-geschiedenis (dank Martijn voor de link naar deze site) maar is tegelijk ook een persoonlijk document van en voor mij bekende tijdgenoten van Ivar (zoals Erik Hobijn, Asha Fowler, Bart Schut alias VendeX, Diana Ozon, Hugo Kaagman en niet in de laatste plaats mijn goede vriend en co-webmeester Bert Broodje). Het beeldmateriaal is ook weer schitterend met veel tot nog toe niet gepubliceerd werk van Ivar en ook afbeeldingen van een schitterend door Ivar gedecoreerde leren jack.
     
    Ik eindig met een citaat van William Gotzwinkle uit zijn boek Dr. Rat dat de inspiratie vormde voor het voornaamste alias van Ivar:
     
    "De dood mijn vriend, is een bevrijding"
     
    Ivar, ik hoop voor jou dat deze bewering klopt.
     
     
    Kees Smit, webmeester, 1-7-2011
     
     
     
     
    Lees meer...   (2 reacties)
    29 JUNI DR. RAT MEMORIAL DAY
    
    Ter gelegenheid van het dertigste sterfjaar van de legendarische
    graffitikunstenaar Ivar Vics (1960-1981) brengt Lebowski Publishers op
    woensdag 29 juni zijn door Martijn Haas geschreven biografie uit,
    getiteld: 'Dr. Rat, godfather van de Nederlandse graffiti'.
    
    Diezelfde dag organiseren Martijn Haas en Lebowski 'Dr. Rat Memorial
    Day' in het IISG en Talentfactory De Valk. Op de tweede locatie zal de
    Prix du Graffiti worden gehouden, een wedstrijd voor graffititalent.
    Deze prijs werd in 1978 en 1979 door de redactie van de Koecrant
    georganiseerd en de eerste maal won Dr. Rat hem.
    
    Graffiti-addicts die willen mee doen aan deze unieke wedstrijd kunnen
    zich inschrijven door fotografie van eigen graffiti-werk, gemaakt met
    een EDDING 800 stift. De foto’s kunnen worden gestuurd naar:
    drrat@live.com Een jury bestaande uit bekende Nederlandse en Amerikaanse
    graffiti-artists zal zich over de inzendingen buigen. De beste
    deelnemers zullen de 29ste juni tegen elkaar strijden. De winnaar wint
    de bokaal die bij deze Prix du Graffiti hoort: De Gouden Rat.
    
    Programma 29 juni (wijzigingen ovb):
    
    IISG (Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis)
    12.00 - 14.00 bezichtiging expositie met tekst en uitleg van Martijn
    Haas
    14.00 - 14.30 lezing Martijn Haas
    - break -
    15.00 - 16.00 Interviews met Hugo Kaagman, Diana Ozon en anderen
    
    - Break - en vertrek naar:
     
    TALENTFACTORY DE VALK
    17.00 - 17.30 inloop
    17.30 live painting als onderdeel van de avond (met opdrachten)
    18.00 overhandiging eerste exemplaar Dr. Rat door Martijn Haas aan
    special guest
    18.15 signeren
    18.30 X-Offenders treden op
    19.00 uitreiking Prix du Graffiti
    19.15 afsluiting met optreden Helmettes www.lebowskipublishers.nl
    www.martijnhaas.nl
    www.iisg.nl
    
    Lees meer...   (2 reacties)
    Hoewel geen nederpunk, wellicht toch interessant voor de bezoekers van deze site deze
    aankondiging van 013 in Tilburg.
     
    Kees, webmeester
     
    PENNYWISE EN BAD RELIGION TICKET MET KORTING
    KOOP NU EEN COMBITICKET VOOR SLECHTS €35


    Deze zomer komen er twee punkgrootheden naar 013. Zowel
    Pennywise als Bad Religion zullen het poppodium betreden. Wil jij graag naar beide shows? Dat kan! Voor slechts €35 kan je een combiticket bemachtigen.

    De Amerikaanse band Pennywise komt op dinsdag 26 juli voor een exclusieve show naar 013. De melodieuze, maar agressieve vorm van punkrock die de band laat horen, bezorgde hen al wereldfaam. Sinds 2009 vonden de Amerikanen met zanger Zoli Téglás een meer dan waardige vervanger voor Jim Lindberg. Dat bewezen ze begin 2011 in een uitverkochte Melkweg. In juli komen de mannen dus weer terug naar Nederland en zullen ze in 013 bewijzen dat ze de afgelopen twintig jaar terecht aan de top hebben gestaan.

    De medepunkers van Bad Religion zullen op woensdag 3 augustus een exclusieve clubshow geven. De godfathers van de melodieuze punkrock uit Californië bestaan ondertussen ruim dertig jaar. In 2010 bracht de band onder de titel ‘The Dissent Of Man’ alweer het vijftiende studio-album uit. Er zijn slechts weinig (punk)bands met zo’n lange adem als deze mannen. Er zijn er echter nog minder die gedurende vrijwel de gehele loopbaan het kwaliteitsniveau van de muziek zo hoog weten te houden. Het maakt Bad Religion tot een unieke live act.

    LET OP! Deze combitickets zijn t/m 12 juni te koop. Wacht dus niet te lang.


    Pennywise

    Dinsdag 26 juli | aanvang 20:30 | zaal open 19:30
    Tickets € 25 (excl. service- en transactiekosten) |
    Dommelsch Zaal | Avondkassa Tickets € 27,50 | Koop je kaarten hier

    Koop je combiticket
    hier.

    Bad Religion

    Woendag 3 augustus | aanvang 20:00 | zaal open 19:00

    Tickets € 27,50 (excl. service- en transactiekosten) | Dommelsch Zaal | Koop je kaarten hier

    013
    Veemarktstraat 44
    Tilburg
    www.013.nl



    Lees meer...
     
    John Cooper Clarke in Nederland
     
    Legendarische punk poet doet reeks intieme clubshows
     
    Punk poet John Cooper Clarke komt in mei naar Nederland voor een show in de Eindhovense Effenaar en kleinschalige optredens in Maloe Melo in Amsterdam en De Vinger in Den Haag, powered by Lebowski Publishers. John Cooper Clarke verdiende zijn sporen in de punkjaren met zijn bijtende, politieke en humoristische gedichten en razendsnelle voordracht. Zijn niet te evenaren performancestijl maakte hem geliefd bij generaties.
     
    John Cooper Clarke droeg zijn gedichten begin jaren zeventig al voor in de pubs van Manchester, maar zette zijn naam definitief op de kaart als punk poet. Met de komst van punk in 1976 werd hij een populaire supportact voor bands als de Sex Pistols, Buzzcocks en The Fall. Het duurde niet lang voor The Bard of Salford zelf headliner werd. Tegenwoordig wordt John Cooper Clarke als een van de belangrijkste Engelse dichters en performers gezien. Menig jong artiest werd door hem beïnvloed. Alex Turner van Arctic Monkeys verklaarde zich fan en rapper Plan B. castte hem als performer in zijn nieuwe film, verwacht in 2011. Ook dankzij de hernieuwde interesse in het punkera stond hij de afgelopen jaren in het centrum van de belangstelling. Er werden televisieprogramma’s aan hem gewijd en hij speelde zijn jongere zelf in Anton Corbijn’s ‘Control’. Ondertussen schrijft hij nog altijd nieuwe, relevante poëzie en bereikt hij een jong publiek als radiopresentator van BBC 6 Music.
    Clubshows powered by Lebowski Publishers
    In november 2010 was John Cooper Clarke voor het eerst in achtentwintig jaar in de Lage Landen te zien op het Crossing Border festival in Den Haag en Antwerpen. Nu keert hij terug naar Nederland voor enkele bijzondere solo-optredens, waaronder twee intieme shows in Amsterdams bluescafé Maloe Melo (19 mei) en undergroundcafé De Vinger in Den Haag (20 mei), powered by Lebowski Publishers.
    Supportact voor de show in De Vinger is punkicoon annex performancedichter Diana Ozon. Ozon debuteerde in 1977 bij De Koekrant, werd redacteur van het blad en opende achtereenvolgens een punkclub in het Amsterdamse Zebrahuis (1978), een alternatieve boekhandel (1979) en graffitigalerie (1980). Als de eerste en enige Nederlandse punkdichter hielp Ozon een belangrijke brug te slaan tussen jeugd en literatuur. In januari 1983 had Ozon voor het maandblad Stic een interview met haar collega John Cooper Clarke. Beiden gaven in die jaren, soms samen, optredens door heel Nederland voor o.a. de beatdichtersorganisatie One World Poetry. De avond in De Vinger belooft een spetterend weerzien!
     
    Ian Curtis Memorial Night
     
    John Cooper Clarke zal eveneens optreden tijdens de Ian Curtis Memorial Night in de Effenaar in Eindhoven. Op 18 mei, zijn 31e sterfdag, kijkt de Effenaar terug op het bewogen leven van de zanger van Joy Division. Naast een solo-set van John Cooper Clarke, zal Lindsay Reade voordragen en wordt de film Control vertoond. Cooper Clarke trad regelmatig op met Joy Division en speelt zijn jongere zelf in de film Control, die Anton Corbijn maakte over het leven van Ian Curtis. De film is gebaseerd op het boek dat zijn weduwe Deborah Curtis schreef, ‘Touching From a Distance’ uit 1996, en schetst een meeslepend beeld van de opkomst en het succes van Joy Division, het turbulente huwelijksleven van Ian en Deborah en Ian’s persoonlijke problemen. Lindsay Reade was de medeoprichter van Factory Records, samen met haar toenmalige man Tony Wilson. Ze was betrokken bij de opkomst van Joy Divison en een persoonlijke vriendin van Ian Curtis. In 2006 schreef zij de definitieve Ian Curtis biografie ‘Torn Apart: The Life Of Ian Curtis’. Een bijzondere avond ter nagedachtenis aan een enigmatisch cultfiguur.
     
    Data:

    18 mei – De Effenaar, Eindhoven
    ‘Ian Curtis Memorial Night’ + Lindsay Reade en filmvertoning Control
    www.effenaar.nl

    19 mei – Maloe Melo, Amsterdam - Powered by Lebowski Publishers
    www.maloemelo.com
    VVK start: zaterdag 19 maart
    Kaarten zijn te koop in Café Sound Garden tijdens openingstijden / www.cafesoundgarden.nl

    20 mei – De Vinger, Den Haag - Powered by Lebowski Publishers
    + Diana Ozon
    www.devinger.com
    VVK start: zaterdag 19 maart

    Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Leonor Jonker via buzzwolves@gmail.com.
     


    Lees meer...
    Nog 25 dagen en de grootste Punk Collectie aller tijden word tentoongesteld.
    10 verzamelaars uit europa laten in Rome zien wat ze bij elkaar hebben gebracht.
    Punk in het museum van de moderne kunst.. 
    Is Punk Kunst geworden of is Kunst Punk geworden.

    Expo “Europunk”: No future in la villa Medicis
    Punk in het museum, logische voortzetting of ketterij? Vanaf januari 2011 zal de Villa Medici een tentoonstelling wijden aan de "punk beeldcultuur in Europa 1976-1980". Presentatie preview.

    Wetende dat de Sex Pistols is ontstaan in een "anti-fashionwinkel" in Londen genaamd "Sex", (op aanraden van Malcolm McLaren en Vivienne Westwood), begrijpt men snel dat het uiterlijk in de punkbeweging een kapitale rol speelt. Daarom wordt er een tentoonstelling gewijd aan de puur esthetische kant van de punk in Europa. ?
    Vanaf 21 januari 2011 ontvangt zij (villa medici) de tentoonstelling Europunk die terugkeert naar het hart van de beweging ', het eerste televisie-optreden van de Sex Pistols in 1976, de de eerste verschijning van Joy Division bij de BBC in 1979 ", een tijd waarin punk een echte tegencultuur is en niet een subcultuur." Voor de eerste keer worden er 500 stukken gepresenteerd uit de punkbeweging van de tweede helft van de jaren 1970: kleding, fanzines ?, posters, folders, tekeningen en collages, album covers en films.
    Een Europese tour is voorgesteld in Engeland natuurlijk, maar ook Nederland, Italië, Duitsland, Zwitserland en Frankrijk. Eric de Chassey, directeur van de Academie van Frankrijk in Rome en baas van de expositie: "de jaren 1976-1978, de enige die gelijkwaardig is aan de kracht van de visuele cultuur van de Sex Pistols bevindt zich in producties van de groep Bazooka "Het collectief van ontwerpers Kiki Picasso.
    Er zullen geen foto's of werken van de traditionele kunst zijn, die hebben namelijk in het algemeen niet de karakteristieke kracht van de echte punkwerken." Voor Eric de Chassey, is de beweging nooit uitgestegen boven de kunst en tegelijkertijd heeft het geweigerd zich kunst te noemen." Ondanks de weigering om kunst te produceren (in het korte tijdsbestek en als levende stroming ?)is haar invloed nog steeds zichtbaar. En dit omdat punk de hoogste ambitie heeft van de kunst namelijk om het leven te veranderen."

    Het gaat er niet om om de geest van de beweging te verraden door de objecten in een kunstgalerie te plaatsen. Voor de curator/baas van de tentoonstelling, naast het feit dat beeldvorming van de punk volledig is doorgedrongen in de gemeenschappelijke cultuur moet men wel toegeven dat er een buitengewone visuele kwaliteit is en dus een artistieke productie."

    "Het gaat niet om om de kunst rondom te punk te tonen maar punk als kunst."
    Een catalogus met essays van specialisten, zal facsimile's van tijdschriften en honderden foto's worden bewerkt door Drago.

    Jean-Paul Deniaud
    Europunk: De punk beeldcultuur in Europa, 1976-1980, van 21 januari-20 maart, 2011 in de Villa Medici in Rome.

    Lees meer...   (1 reactie)
    Binnenkort verschijnen een twee interessante boeken die gerelateerd zijn aan Nederpunk:
     

    SKG: kunst, muziek & terreur 1978-1981
    Martijn Haas


    Bijzondere reconstructie van de culturele ‘terroristennacht’ op 20 december 1980
    Wanneer de directie van Paradiso in de zomer van 1980 de Amsterdamse kunstguerrillagroep skg (Stads Kunst Guerrilla) uitnodigt een feest te geven, realiseert zij zich nauwelijks wat ze zich op de hals haalt. 
    De skg is geen gewone kunstenaarsgroep, maar komt – onder leiding van de dan 23-jarige vuurkunstenaar Erik Hobijn – als een worm uit het hart van de Amsterdamse kraakwereld gekropen en opereert als een chaotische, quasi raf-achtige cel, gericht op het verstoren van bijeenkomsten door het gooien van rookbommen, en het becommentariëren van eigentijdse uitingen middels graffiti en media-acties. 
    1980 is het jaar van ‘Geen woning, geen kroning’, de Vondelstraatrellen, en vele andere momenten waarop krakers en politie de confrontatie aangaan, met op de achtergrond het overleg tussen Amerika en Nederland over het plaatsen van nucleaire kernkoppen op vaderlands grondgebied. 
    Genoeg inspiratie om een nacht in Paradiso mee te vullen, als het aan de skg ligt…

    Met een leger aan van de straat geplukte vrijwilligers groeit de ‘terroristennacht’ uit tot een legendarische gebeurtenis, een evenement dat op treffende wijze de tijdgeest portretteert en aan de kaak stelt: doemdenkers zien zich getrakteerd op de naweeën van een kernramp, krakers zien hun acties weerspiegeld in barricade-art en oorverdovende geluidssculpturen, punkers worden op de hak genomen met bergen fecaliën – terwijl de directie van Paradiso tot het uiterste wordt getergd deze wanorde te ondergaan...

    Verwacht op 20 december 2010


    Prijs:€ 17,50

     

     

    Mecano: Een muzikaal ego-document
     
    Autobiografie van zanger, dichter, schilder, accordeonist, producer en warme persoonlijkheid Dirk Polak. Aanrader voor alle Mecano-fans en liefhebbers van surrealisme,
    Mecano en kunst.
     
    Verwacht in maart 2011
     
    Prijs: € 18,90
     

    Lees meer...   (1 reactie)
    Op zaterdag 19 juni a.s. vindt in galerie Radar, 1e Rozendwarsstraat 17-H, Amsterdam vanaf 17.00 uur de opening plaats van de expositie "From engineers of yesterday, aka so far no good" van Dirk Polak, bekend als zanger van de band Mecano (zie logs elders op deze site), schilder, accordeonist, dichter en bijzonder mens.
     
    Ik kan deze expositie, die tot 17 juli loopt, iedereen van harte aanbevelen.
    Er worden 25 werken tentoongesteld, onder meer geïnspireerd door de Franse absurdist Alfred Jarry (bekend van onder meer het toneelstuk Ubu Roi dat onlangs nog te zien was in een bewerking door Toneelgroep Amsterdam in de Stadsschouwburg). Daarnaast een collectie Mecano-vlinders, een hommage aan de vader van Dirk en objecten gerelateerd aan de muzikale activiteiten van Dirk
     
    Broodje en ik zullen zeker ook acte de presence geven !
     
    Gaat dat allen zien, zo vaak krijg je de kans niet om het prachtige werk van Dirk te bewonderen.
     
    Zie voor meer informatie ook de facebook pagina van dit evenement op:
     
     
     
    Kees, webmeester
    (mede namens Bert Broodje, mede-webmeester)
     
    Lees meer...   (4 reacties)
    Beste bezoekers van nederpunk,
     
    Samen met Ton Lebbink heb ik een weblog: http://ausserart.punt.nl waarop gedichten van Ton en ondergetekende staan.
     
    Speciaal ter gelegenheid van het verschijnen van de op 18 april jl. in Paradiso gepresenteerde dichtbundel Ik Hou Mijn Hart Vast van Ton staat vandaag (met zijn toestemming) ook een gedicht van hem op nederpunk. Ik kan jullie de bundel, met daarin recent werk dat hij, onder meer aan mij, de laatste jaren per e-mail heeft verspreid, van harte aanbevelen. Zie ook de impressies van Ton en zijn verslag van de laatste tournee van Mecano elders op deze site.
     
    Kees, webmeester
     
    Hieronder het fraaie gedicht:
     
    ISBN
     
    nu mijn bundel is uitgegeven 
    Lebbink een ISBN nummer is geworden 
    vraag ik me niet af 
      
    waarom de aarde ovaal is
    waarom de paling een aal is
    waarom paal en perk totaal is
     
    waarom mijn kapster kaal is 
    de trainer van Bayern van Gaal is 
      
    nee, Lebbink vraagt zich af   
    of het boekenbal te haal is
     
    Ton Lebbink, 2010
     
     
     
     
    Lees meer...   (1 reactie)
    Op 7 april 2010 interviewden Bert Broodje en ik Chris Visser alias Chris "PTT".
    Als groot verzamelaar van punk en aanverwanten was Chris vanaf het prille begin actief in de nederpunkscene. Hij bezocht vele concerten in Paradiso en maakte daar ook vele opnamen van, die grotendeels bewaard zijn gebleven. Chris is daarnaast een enthousiast verzamelaar van de uitzendingen van zeezenders. Voor dit interview hebben we niet gekozen voor een vraag/antwoord-vorm maar voor een samengevat overzicht dat ik hieronder weergeef.
     
    Chris vertelt wanneer hij voor het eerst met het verschijnsel punk en met de nederpunk in aanraking kwam. Ik luisterde op de radio naar de Betonshow (circa 1977) en daar werden The Sex Pistols gedraaid. Dat was toch wel iets nieuws. Ik was altijd al met muziek bezig. Ik werd ooit als muziekverzamelaar door muziekkrant Oor geïnterviewd vanwege zijn bijzondere Beatles-collectie. Bij de Atheneum-boekhandel hadden ze vroeger fanzines en een klein bakje met platen. Ik kwam in die tijd ook in No Fun en zag Johnny Thunders (nog zonder The Sex Pistols, daar speelden ze later mee) en Blondie in Paradiso. Later ging ik gewapend met een linnen tasje naar Paradiso. Daar had ik een draagbare cassetterecorder van Sony met een hele mooie set microfoons inzitten. Daar heb ik veel opnames mee gemaakt die nog een keer gedigitaliseerd moeten worden. De bedoeling is dat Broodje dat gaat doen maar dat gaat veel tijd kosten. De eerste nederpunk waar ik mee in aanraking kwam was die van God's Heart Attack via Ronald v.d. Brink die in No Fun werkte. Op Texel waren ze redelijk aangeschoten geraakt en maakte gebruik van een gehuurde PA. Ze gingen met bier aan de gang dat was natuurlijk niet goed voor die PA. Ik moest toen wel ingrijpen en heb ze van het podium moeten slaan. Overigens was en is Ronald een unieke figuur.
    Daarnaast waren natuurlijk The Softies met Captain Sensible van belang. Ik heb de originele opnames van de nooit uitgebrachte Softies-LP. Jammer dat die nooit is uitgekomen want het is een groot verschil van Nice & Nasty die wel is uitgekomen.
    Ik werkte toen bij de P.T.T. (heel bekend bij de mensen). Met Big Mick (R.I.P.) ging ik naar een concert van The Damned die natuurlijk een link met de Softies hebben. Ik stond toen op de gastenlijst van Captain Sensible.
     
    God's Heart Attack en Helmettes waren in het begin samen met The Softies bepalende bands. Op het No Fun-label verschenen vier singles: God's Heart Attack, Helmettes, Mecano en Subway. Op zaterdagmiddag na sluitingstijd kwamen in No Fun de imports uit Engeland binnen. Dat spul kwam met de taxi vanaf Schiphol omdat de vriend van Eleanor daar werkte (toevoeging Broodje). Er zat een kruidenierswinkel vlakbij No Fun die goede zaken deed omdat de punks graag een biertje lustten. Dat waren een soort hangjongeren avant la lettre (toevoeging Broodje). Opvallend was dat veel mensen uit die scene uit de gegoede middenklasse kwamen. Die hadden eigenlijk alles wat hun hartje begeerde maar veel geld gaven ze toch niet uit. Het einde van God's Heart Attack luidde het begin van een andere legendarische band: Motorboat met Pebbles en Carlo. Ze zouden in de kleine zaal van Paradiso spelen maar dat werd de grote zaal vanwege de enorme belangstelling. Motorboat heeft ook een benefietconcert gegeven omdat Fred was neergeschoten.
    Ik heb toen nog meegeholpen om de zaal een beetje toonbaar te maken zodat ze er konden spelen.
     
    Daarna kwam een periode dat veel mensen aan de harddrugs gingen. Daardoor zijn helaas veel slachtoffers gevallen. Dat beviel mij helemaal niet en ik ben toen uit de scene gestapt. Ik zag punk toch vooral als een positieve manier om tegen dingen aan te schoppen en niet om alles af te breken. Ik reed op een bedrijfsbrommertje rond met een jute zak waarin ik platen kon bewaren. Ik kwam een tijdlang elke dag bij Atheneum platen en fanzines kopen. De Koekrandt vond ik nogal elitair en had volgens mij weinig met punk te maken. De waterscheiding tussen de "lang leve de lol"-punks en de kunstzinnige punks heb ik ook meegemaakt. Ik zag het als lol maar wel met een boodschap. Het "arty"-gevoel heb ik nooit gehad, dat vond ik helemaal niks.
     
    Het NRC-gebouw vond ik alleen interessant vanwege de benefietconcerten. Het rotzooi trappen erom heen heeft me nooit aangesproken. De telegrambezorger die dwars door de Vondelstraat-rellen heen een telegram kwam bezorgen en waar nog een opname van de NOS van moet bestaan: dat was ik dus. Dat was zo'n beetje mijn betrokkenheid bij het hele kraakgebeuren. Ivar Vics (Dr. Rat) heb ik ook ontmoet. Ik had niks met de Koekrandt en ook niks met hem. Hij was ook geen aardig mens overigens.
     
    Als ik het verschijnsel punk toen en nu beschouw en bekijk hoe ik dat heb ervaren zie ik dat veel mensen die vroeger riepen dat ze allerlei idealen hadden die later niet bleken te hebben of hun idealen van vroeger verloochenden. Ik denk dat je diep in je hart hetzelfde moet blijven. Als je dicht bij jezelf blijft, blijf je ook zoveel mogelijk jezelf. De politiek heb ik altijd gewantrouwd: die staat veel te ver van de mensen vandaan. Wat mij betreft kunnen ze én Cohen én Wilders in een betonmolen stoppen en dan eens kijken wat eruit komt. Misschien wel een goede premier, wie zal het zeggen ?
     
    Zelf heeft Chris nooit de behoefte gehad om in een band te gaan zingen of spelen.
     
     
     
     
     
     
    Lees meer...
    Dit interview is inmiddels twee jaar oud maar zeker nog relevant ! Inmiddels heeft Diana een uitstekende nieuwe bundel uitgebracht bij Uitgeverij Passage (Hartspanne) die ik iedereen van harte kan aanbevelen !
     
    Kees, webmeester, Pinksteren 2010
     
    HET GROTE OZON-interview
     
    "Mijn lichaam is van oude steen
    rondgeslepen
    door de streling van de tijd
    bedekt met een jeugdgroen kleed
    van velerlei kruiden en struiken
    dat in rafels van m'n toppen hangt
    en al teveel van mijn schoonheid
    aan erosie verraadt"
     
    Diana Ozon, Hup de Zee, 1986
     
    Diana Ozon, geboren in 1959, is vanaf het eerste uur betrokken geweest bij nederpunk.
    Sinds jaar en dag, om precies te zijn vanaf 1977, is zij daarnaast actief als podiumdichteres en als zangeres in de band De Drie Boeddha's (zie de recensie van hun CD Voorbindbuik elders op deze site).
     
    Haar poeziëdebuut was Laag bij de Grond uit 1982. Hiervan verscheen ook een cassetteversie samen met Lulu Zulu alias Ludwig Wisch. In 1983 verscheen de bundel de Obscure Camera.
    Zij publiceerde verder de dichtbundels Hup de Zee (1986), Stad Sta Stil (1993) en Bronwater (2005), alsmede de verhalenbundel de Ozon Express (1988) en de roman Kraker Jack (1991).
    Voor haar overige publicaties zie verder de bibliografie op www.diana-ozon.nl
     
    Op woensdag 14 mei 2008 heb ik Diana geïnterviewd temidden van haar omvangrijke punkarchief waaruit zij tijdens ons gesprek regelmatig kon putten. Haar verhalen en anekdotes zijn een stukje nederpunkgeschiedenis. Maar ook een geschiedenis van de jeugd- en subkultuur in Nederland. Het valt op dat zij een geweldig geheugen voor namen, plaatsen en gebeurtenissen heeft. Niet onbelangrijk, want de punkgeschiedenis hangt van mythen en sterke verhalen aan elkaar zodat het niet altijd meevalt die te ontrafelen en de juiste toedracht te achterhalen. Dit klemt eens temeer daar waar het gebeurtenissen uit een grijs verleden betreft. Hier volgt de tekst van het interview.
     
    Kees: Mijn eerste herinnering aan jou was een stukje TV. Je las een gedicht voor dat als ik me goed herinner Amsterdam Snelkookpan heette.
    Diana: Dat was waarschijnlijk bij PKP (Ploeg-Klashorst-Ploeg), een piraat op de kabel.
    Kees: Hebben die ook geen rondvaart met Dr. Rat gemaakt ?
    Diana: Dat herinner ik me niet, ze hebben Ivar wel gefilmd terwijl hij aan het werk is in een steeg, je ziet dat ook weer terug in de documentaire Kroonjuwelen over de graffitti-scene.
    Kees: Wanneer kwam je voor het eerst in aanraking met het verschijnsel punk ?
    Diana: Toen ik op de middelbare school zat, het Hervormd Lyceum, werd ik op de gang door mede-leerlingen uitgescholden voor punk. Dat moet in 1976 zijn geweest. Ik had een wijde oude legerbroek aan die totaal versleten was. Mijn vader had die vroeger als verfbroek gebruikt. Het was een Canadese khaki-broek die met veiligheidsspelden aan elkaar hing. Zonder toen iets van punk af te weten wou ik een soort fashion-statement maken. Ik kwam thuis en zei tegen mijn ouders dat ze mij voor punk hadden uitgescholden. Mijn vader, die bij een uitgeverij werkte, is toen gaan zoeken in naslagwerken. Hij kwam tot de conclusie dat punk niks voor mij was. Bij de Atheneum-boekhandel op het Spui had hij punkfanzines gezien met hakenkruizen erop. Ik was toen scholier, trok me weinig aan van de scheldpartijen van mijn mede-scholieren en vergat het hele punkverhaal maar even. Totdat ik op een dag in mijn meisjeskamer op de radio The Sex Pistols hoorde. Dat was precies de muziek die paste bij hoe ik me toen voelde. Ik wist toen zeker: dit is mijn muziek ! Ik luisterde naar The Rolling Stones maar dat was toch een beetje behelpen. Ik had ook een soort Rock 'n Roll Greatest Hits gekocht en dat kwam al meer in de buurt. Het was jongerenmuziek maar uit een tijd die ver achter ons lag. Ik herkende de jeugdenergie uit de Rock 'n' Roll maar dan van toepassing op die tijd.
    Kees: Bij veel mensen die ik gesproken heb waren The Sex Pistols het begin, ook het optreden van Iggy Pop bij Toppop (met Lust for Life van de gelijknamige elpee) wordt echter veel genoemd.
    Diana: Dat was natuurlijk fantastisch hoe hij die rotpalmen aanpakte en het hele decor omvertrok ! Penny de Jager werd ook ingezet met haar showballet als de artiest niet op kwam dagen. Het had iets deconditionerends op dezelfde manier als de optredens van Dolf Brouwers als Sjef van Oekel. Het was een fluxus-moment, iets dadaïstisch. Toen The Sex Pistols in Maasbree optraden was dat ook te zien bij Achter het Nieuws.
    Kees: Punk en kunst zijn, althans zo zie ik het, bij jou twee verweven begrippen geworden. Niet alleen poezië maar ook beeldende kunst en het ontwerpen en uitgeven van drukwerk (fanzines e.d.).
    Diana: Ik schreef vrij grimmige verhalen voor de schoolkrant ongeveer in de stijl van Jan Wolkers. Ik had een vrij somber maatschappijbeeld. Ik was naar de Rietveld-academie gegaan om modeontwerpster te worden. Ik wou couture of zelfs haut couture maken of theater-kostuums gaan ontwerpen. Ik vond het heel belangrijk dat de mensheid er niet als een eenheidsworst uitzag maar heel divers en tegendraads gekleed ging. Al vrij snel kwam ik andere mensen tegen die zich ook punk noemden. Dat waren Hugo Kaagman, Christian Kanstadt en Lulu Zulu alias Ludwig Wisch. Die maakten de Koekrandt en ik ging vrijwel meteen met ze meewerken. In de Koekrandt bracht ik mijn eerste dichtbundel uit. Op de Rietveld werd toen gezegd dat ik een keuze moest maken tussen de academie en mijn andere activiteiten. De academie boeide mij toch niet zo. Ik had het daar toen wel gehad. Hugo en Christian waren werkloos en zagen dat als een manier om van daaruit zelf iets te gaan creëren. Zij hadden hun opleiding al achter de rug en hadden gezien dat diploma's pleepapier waren omdat je toch werkloos werd en in de BKR terecht zou komen.
    Kees: Veel punks van toen deden wat badinerend over de makers van de Koekrandt. Het was allemaal nogal elitair volgens hen, kunstacademiemensen.
    Diana: En dat terwijl ik maar zes weken op de Rietveld heb gezeten. Hugo had sociale geografie gestudeerd maar was daar mee gestopt. Christian had een grote voorliefde voor de poezië van Rimbaud en Majakovski. Dat was mij wat te elitair destijds. Ik was een jongere zonder uitkering en ik had een huis gekraakt maar degene die daar op zou passen was weggegaan en toen ik een keer thuiskwam was het pand dichtgemetseld. Ik had alleen nog een overall met wat spullen erin en dat was mijn hele bezit. Ik liep de Sarphatistraat binnen waar ik aan fietsen ging knutselen in de kelder. Hugo was toen bezig om de strip Ollie Buma te tekenen. Ik ging hem al vrij snel helpen. We kregen een relatie. We gingen b.v. wel eens naar de opening van een tentoonstelling in een museum waar je dan gratis kon drinken. Soms was de tentoonstelling leuk en soms niet. We hebben toen ook de Koekrandt in een omgebouwde sigarettenautomaat gedaan, dat was een idee van Christian. Dat werd de Artomaat waarover nog een artikel in de krant heeft gestaan (zie voor een afbeelding van Artomaat het fotoalbum, KS). Ik ging toen doosjes snijden met een mal en propte daar de Koekrandt in. Hugo had in het begin veel reisverhalen geschreven. Ook de geschiedenis van het kraakpand werd erin beschreven. De eerste oplage was slechts 25 stuks. Daarna werd het 50 en 100. Christian had het veel over de verdoemde dichters en probeerde daar in zijn eigen poezië aan te refereren.
    Ik plaats mijn eerste punkgedichten (waaronder "ik kots ik walg ik baal, krijg toch de klere allemaal"). Daarin kwamen er interviews met bandjes als Krash on Poland (met Max en Edu Kisman) en met Half Twee van Helmettes. Ook Eric Hobijn (pyrokunstenaar) stond er in.
    De deskundoloog Max Reneman kwam er ook in voor. Die kende Theo Kleij weer waardoor een connectie met Ruigoord ontstond. Toen de Artomaat in het Stedelijk Museum stond kwam ik Ivar Vics (alias Dr. Rat) tegen die ik al van vroeger kende. Hij was een jeugdvriendje. Een paar jaar daarvoor was ik verhuisd uit de buurt waar wij opgegroeid waren. We zijn toen de punkclub DDT 666 begonnen (zie verslag van Diana elders op de site, KS). Ivar had dit idee opgedaan in Londen waar hij op vakantie was geweest. In het Zebrahuis (dat toen nog niet zo heette) hebben we een gemeenschappelijke ruimte daarvoor ingericht. In 1978 gingen we bij wijze van uitje naar het vliegerfestival in Almere waar ik de Ruigoorders voor het eerst tegenkwam. Hierdoor werd mijn wereld wat groter dan alleen Paradiso en de Tichel. Ivar had ook een wat bredere kijk op de dingen. Voor mensen die vooral tot de scene zijn gaan behoren vanwege het bier en de bandjes (ook wel "Lang Leve de Lol-punks genoemd, zie de gelijknamige documentaire van Alfred Broer, KS) kan dat destijds wat raar zijn overgekomen.
    Kees: Hoewel sprake was van een tweestromenland kwamen volgens mij beide richtingen ook vaak bij elkaar destijds.
    Diana: Ja dat kon heel goed. Het liep vaak erg synchroon. Ik wou ook zoveel mogelijk actueel scenenieuws in de Koekrandt hebben. Christian is toen zijn eigen Koekrandt begonnen omdat hij zich vooral concentreerde op poezië. Ik vond dat niet geschikt voor mijn doelgroep. Hugo ging zich steeds meer interesseren in rastafari omdat hij bevriend raakte met een rasta. Daardoor ontstond een tegenstelling tussen aan de ene kant bands als Jezus & the Gospelfuckers en anderzijds vrome rasta's.
    Kees: Ik weet nog dat de Rotterdamse scene zich nogal heeft afgezet tegen rasta, ze vonden dat niet echt kunnen.
    Diana: In Rotterdam werd het Rock against Religion-festival georganiseerd. Hun achterban was erg tegen religie en moest dus niets hebben van rasta's. Er was een enorme schare fans rond de Rondos. De Koekrandt had niet echt fans maar natuurlijk wel een aantal vaste lezers. Overigens was men in Rotterdam heel serieus en politiek bewust en veel met kunst bezig. In wezen waren ze op dezelfde manier bezig met punk hoewel ze dat niet lieten merken. De controverse werd een beetje opgeblazen, hetgeen ik ook wel komisch vond.
    Kees: Als je kijkt naar de Koekrandt was er destijds niet echt een band omheen.
    Diana: We hadden de Nonvaleurs. We werkten veel samen met Infexion en Jezus & the Gospelfuckers. Met Bugs wat minder, die waren wat reserveerder. We spoorden ze wel aan om een singletje te gaan maken. Mijn standpunt was als redactrice altijd: elke band is even goed. Ik trok niet een bepaalde band voor. Er waren veel kliekjes, ook regionaal. En dan kwamen er ineens boeren. Dat vond ik juist te gek, ik was wars van hokjesgeest of sektarisme.
    Kees: In 1982 zat ik naar Radio Stad Amsterdam te luisteren en kwam de documentaire I.M.M. Dr. Rat van Andrea Bouma langs. Omdat jij Ivar heel goed had gekend en veel met hem had samengewerkt kwam jij daar natuurlijk ook in voor. Later werd deze documentaire verkozen tot een van de beste radiodocumentaires aller tijden en in een verkorte versie op internet gezet.
    Diana: In dat programma zaten onder meer Erik Hobijn, Jos Elderse Baas, Mike Bibikov, de ouders van Ivar, Liesbeth Verstege en een paar mensen die hij vanuit zijn kunstenaarschap kende. Hij had een vrij brede vriendenkring. Hij ging bijvoorbeeld ook om met mensen uit de jazz-scene waarmee hij af en toe een mooie wijn dronk met een kaasplankje erbij.
    Kees: Van een collega van mij hoorde ik het volgende verhaal over Ivar. De vader van Ivar zou bij het GEB hebben gewerkt bij de afdeling lantarenpalen en zodoende in het bezit zijn van een moedersleutel waarmee je lantarenpalen kon openen. Ivar zou deze sleutel gestolen hebben en op die manier in lantarenpalen allerlei spullen hebben bewaard. Ik weet niet of dit weer zo'n mythe is.
    Diana: Het verhaal klopt niet helemaal maar is ook weer niet helemaal verzonnen. Ivar's vader was graficus en heeft met dit verhaal dus weinig te maken, behalve met het eind ervan. Ivar had inderdaad de steeksleutel die je voor lantarenpalen kon gebruiken. Ik heb er zelf trouwens ook nog een die vroeger gebruikt werd om stroom af te tappen om een airbrush te laten werken. Ivar had nogal kleptomanische neigingen soms. Hij opende lantarenpalen en overigens ook straatkastjes. Zo verborg hij een malienkolderhandschoen en een spuitbus. Toen Ivar overleden was vertelde ik dit verhaal. Zijn vader is toen met die sleutel alle lantarenpalen afgegaan om te kijken of er nog iets van Ivar in lag. Zelf heb ik die act wel eens gebruikt in een TV-programma. Ik haalde toen op het Museumplein ineens een biertje uit een lantarenpaal.
    Kees: Ik vond het een prachtig idee dat je op de straat als het ware je eigen locker hebt zoals we tegenwoordig zouden zeggen.
    Kees: In de loop der jaren heb je een omvangrijk archief over punk en verwante onderwerpen aangelegd. Het lijkt me aardig om dat verder als leidraad voor het interview te gebruiken. Het archief is enorm. Kun je daar iets over het ontstaan van het archief vertellen ?
    Diana: in mijn tienerjaren begon ik allerlei knipsels te verzamelen. Ik had interesse in de Nieuwmarktrellen en ik luisterde naar radio Sirene wat toen de krakersradio was. Ik ging verzamelen in 1973. Knispels over punk waren er natuurlijk toen nog niet. Die knispels zaten in een koffertje. Later ben ik vanaf 1977 heel veel artikelen (niet alleen over punk trouwens maar ook over de kraakbeweging en andere interessante maatschappelijke ontwikkelingen) gaan verzamelen. Ik heb ook een artikel over mijn allereerste performance in het Drieluyk in Zaandam als punkdichteres in het voorprogramma van de band Panic. Lulu Zulu, Hugo en Christian en een meisje dat Antje heet deden ook mee. De Panic vond het allemaal maar niks en beschreven ons als intellectuele hopen stront die voor een flink bedrag optraden. Dat viel hard mee want het ging om drie tientjes of zo. We hebben Koekrandt-stickers gemaakt en die ook bij Peter Panic op de deur geplakt. Om Panic de wind uit de zeilen te nemen beweerden we zelf ook dat we intellectuele hopen stront waren, dat vonden we prachtig natuurlijk !
    In kranten en tijdschriften verschenen berichten over punk, o.m. in NRC en de Nieuwe Revu.
    Een aardig detail in die tijd was dat er een RAF-terrorist in het Zebrahuis heeft gewoond. Ze zijn nog op zoek geweest naar de Koekrandt typemachine waar die terrorist op geschreven zou hebben. Wij speelden juist amateur-terroristje door een scene uit de jaren zestig na te spelen waarin een medewerker van een ambassade onder schot werd gehouden door een terrorist. Dit was een poging om voorbijgangers te deconditioneren. Ineens bleek er echt een terrorist te wonen. Christian heeft de typemachine verstopt op het balkon zodat hij niet gevonden werd. Later werd hij uit het raam gegooid en heb ik hem weer teruggehaald.
    Kees: Er bestaat toch ook een foto van Ivar als RAF-lid ?
    Diana: Ja dat klopt, dat was ook een grap. Een manier om de brave burgers op de kast te jagen. Daarnaast ben ik natuurlijk alle Koekranten die uitgekwamen waren gaan verzamelen. De oudste exemplaren moest ik bij de huisbewoners bij het oud papier vandaan halen. We hadden ook een klein archiefje waarin ik fanzines van anderen bewaarde. Hugo had de neiging daar uit te knippen als hij een sjabloon nodig had. Dat irriteerde mij en was altijd een strijd. Simon Vinkenoog kwam een keer langs en daar raakte ik bevriend mee. Hij adviseerde mij om archiefmappen te gaan kopen, zogenaamde kameelmappen. Dit zijn grote vouwmappen. Ik ben toen gaan rubriceren en dat werd "Diana's archief, afblijven". Halverwege de jaren tachtig ging ik bij het Fort van Sjakoo werken om meer over het anarchisme te weten te komen. Ik leerde daar Tjebbe van Tijen kennen. Die vertelde mij dat we moesten leren denken als computers omdat computers volgens ons gedachtenpatroon geprogrammeerd waren. Van hem heb ik veel opgestoken. Ik heb toen een kaartsysteem ontwikkeld om allerlei bands, fanzines en personen te kunnen rubriceren. Gaandeweg kwamen er steeds minder fanzines en verschoof de informatie naar het toen nog prille internet. Nederpunk zou in het analoge tijdperk natuurlijk ook een papieren medium zijn geweest. Ik heb alle fanzines ook gerubriceerd en heb daar veel mappen van aangelegd. Ik heb al eens een hele lijst met fanzines aan jou gemaild.
    Kees: Dat klopt want op nederpunk staat een artikel over fanzines dat door jou is aangevuld met ontbrekende namen en gegevens.
    Diana: Later heb ik ook nog een archiefje van de hip hop en housegeneratie aangelegd met als gedachtengang het in kaart brengen van de jongerenkultuur. Als het om subkulturen ging heb ik zelf ervaren dat de reguliere media geen toereikende verslaggeving te bieden hadden. Ook graffiti heeft altijd mijn bijzondere aandacht gehad. Als het om kunst gaat heb ik me daarin gespecialiseerd, ik geef nog steeds lezingen over dit onderwerp op scholen. Ik heb me daarbij vooral beperkt tot de Nederlandse graffiti. Ik lees nog steeds graffiti in de openbare ruimte of het openbaar vervoer.
    Kees: Een andere vraag die nog bij mij opkwam was hoe eigenlijk het pseudoniem Ozon ontstaan is.
    Diana: Van de A uit galerie Anus spoot ik sjablonen met een spuitbus. Er kwam een keer een Amerikaan langs die vertelde dat het werken met een spuitbus ongezond was vanwege het drijfgas dat erin zat. Ik spoot trouwens toen al met een gasmasker op. Hij begon ook over de Ozon-laag die werd aangetast door het gas in de spuitbussen. Toen Anus wegens geldgebrek een tijdje dicht was zijn we een winkel begonnen in plaats van een galerie. Dat werd de winkel Ozon, genoemd naar het drijfgas in de spuitbussen. Al gauw begonnen ze mij zelf ook Ozon te noemen. Deze bijnaam bleef hangen en werd ook mijn pseudoniem als schrijfster.
    Kees: We bekijken nu een groot aantal items uit je archief over graffiti. In museum Fodor werd in 1980 een graffiti-tentoonstelling gehouden waar ook een soort performance plaatsvond.
    Diana: Iedereen ging naar de tentoonstelling om het werk dat er al hing verder af te maken. Een zeer vrije kunstvorm dus. Ik heb toen ook een enquete gehouden die overigens volgens wetenschappelijke normen niet representatief was. Ik vroeg b.v. wat Anus voor instelling was.
    Daar kwamen aardige resultaten uit. Of wie al dan niet punk was. Ik was dus niet alleen geïnteresseerd in het archiveren van feitenmateriaal maar ook in het opslaan van meningen en standpunten om de tijdgeest van dat moment als het ware te kunnen conserveren. Door dit materiaal te bekijken kun je dan als het ware teruggaan naar die tijd. Ik hield zelfs een soort grafiek bij van de omzet van de Koekrandt (aantal verkochte exemplaren).
    Kees: Tegenwoordig zou je zeggen: het aantal hits.
    Diana: Ja zoiets. 30 april 1980 was een hoogtepunt toen was het natuurlijk erg druk in de stad. Toen we in het Parool kwamen voor het eerst steeg het ook behoorlijk. Ik heb er ook vaak over gedacht om een echt punkboek te gaan schrijven. In die tijd kon ik daar de rust niet echt voor vinden. Om echt te kunnen schrijven moet je je afzonderen en gedraag je je eigenlijk vrij asociaal. Daarnaast wilde ik sommige gebeurtenissen eerst als het ware laten verjaren. Niet dat ik zo'n crimineel leven leidde maar je deed soms toch dingen die niet helemaal niet mochten. Dat gold ook voor anderen die ik niet als een soort raddraaiers wilde neerzetten. Later ben ik vooral mijn eigen verhaal gaan opschrijven om niet het leven van anderen te gaan uitbuiten. Ik vind dat niet integer.
    Kees: Gek genoeg doet mij dat denken aan wat Lucebert eens zei: "Ik draai een kleine revolutie af". Jouw ervaringen, jouw "punkzijn", jouw eigen persoonlijke revolutie.
    Diana: Ik heb wel eens gezegd: zoveel verschillende punks, zoveel verschillende punkbewegingen. Ik merk elke weer dat iedereen een ontzettend eigen beleving van de punkperiode had. De keuzes die je maakte, de mensen met wie je omging, de muziek waar je naar luisterde, etc. etc. was voor iedereen verschillend.
    In de begintijd maakten we erg veel T-shirts. Dat was vaak een drukte van belang als er b.v. een ontruiming was en er een groot aantal T-shirts met b.v. ME weg ermee of zo gemaakt moesten worden. We verkochten die shirts voor veel lagere prijzen dan de reguliere winkels in Amsterdam. Wat wel eens vergeten werd was dat ik maar heel kort een uitkering heb gehad. Ik wou een eigen inkomen opbouwen, zij het natuurlijk in het alternatieve circuit. Omdat wij een winkel hadden was het risico groot dat de Sociale Dienst daar achter zou komen en dan zat je met een groot probleem.
    Kees: Veel punks in die tijd gebruikten ook schuilnamen zodat de Sociale Dienst niet achter nu andere activiteiten zou komen.
    Diana: Klopt maar als je een winkel hebt gaat die truc niet op. Ik had in 1978 kort een uitkering. Ik liep met de Koekrandt te leuren in Paradiso en kwam daar een ambtenaar van de sociale dienst tegen die over mijn uitkering ging. Dat was niet zo fijn natuurlijk. Gelukkig gaf hij het niet door. Vrij snel daarna ben ik een tijdje naar Afrika gegaan en heb ik mijn uitkering opgezegd. De Afrika-reis kon ik betalen omdat ze me per abuis verkeerd hadden ingeschaald als thuiswonend kind. Ik kreeg toen veel geld met terugwerkende kracht. Ik heb toen ik uit Afrika terugkwam een week bij een uitzendburo gewerkt. Dat het voordeel dat je dan niet hoefde te zeggen wat je verder ging doen. In Afrika had ik gezien dat er heel veel mensen waren die een eigen handeltje dreven. Voordat we Anus begonnen zijn we eerst gaan kijken bij Rough Trade in Londen (die in die tijd al een winkeltje en een platenlabel hadden, KS). We hebben daar ook wat fanzines en singletjes ingeslagen. Die waren toen al bezig met new wave van Fad Gadget en Young Marble Giants en waren vanuit de punk al verder geëvolueerd. In het Fort van Sjakoo zijn we toen gaan vragen wat er bij kwam kijken om een winkel te beginnen. Ik had wel bijbaantjes om de boel draaiend te houden, b.v. schoonmaakwerk in een jeugdherberg. Het was dus niet zo dat echt iedereen werkloos was. Het avond aan avond in de kroeg hangen wat veel punks deden was er voor ons dus niet bij. We hadden weinig geld en het geld dat we verdienden vloeide vaak weer terug in de winkelkas.
    Kees: Wat heb je terugblikkend op de punkbeweging (om het toch maar even zo te noemen) als positief en als negatief ervaren ?
    Diana: Het mooiste ervan vond ik dat je toen vrijwel alles kon doen en je kreativiteit optimaal kon uiten. De jeugdkultuur waarvan punk en ook kraken onderdeel van uitmaakten bood ongekende mogelijkheden. Denk daarbij ook aan het credo "Do it Yourself". Een alternatief bieden voor het uniforme en het gangbare. Dit sprak veel jonge mensen natuurlijk erg aan.
    Aan de ene kant was het No Future maar tegelijkertijd werkte je wel aan je eigen Future alleen dat besefte je toen nog niet. Fanatiek archiveren terwijl je aan de andere kant denkt dat het elk moment afgelopen kan zijn (Drop de Neutronenbom, KS) heeft wel iets tegenstrijdigs natuurlijk. Maar als de neutronenbom valt blijft alles heel behalve mensen. Misschien dat er latent toch ook wel het gevoel aanwezig was dat het zo'n vaart niet zou lopen.
    Kees: Ik heb vaak ervaren dat punk als een negatieve beweging werd gezien, de Destroy-gedachte. Zelf zag ik het vooral positief. Wel afbreken maar iets nieuws opbouwen op de puinhopen.
    Diana: Ik heb zelf natuurlijk met veel plezier dingen getrasht omdat ik vond dat ze stuk moesten. Maar dat was niet alleen negatief, afbreken was positief omdat er dan iets anders in de plaats voor kwam. Zelfs mijn eigen kunst heb ik soms vernietigd om ruimte te bieden voor iets nieuws. Zo heb ik installaties en sculpturen gemaakt waar niets van overgebleven is.
    Dat scheelde een hoop opslagruimte. Ik heb ook allerlei kostuums gemaakt die er nu niet meer zijn. Voor informatiedragers maakte ik een uitzondering. We deden dus heel veel en hadden een hoop lol. Het leven leek toen eindeloos te duren. Je zat op de stoep in de zon bij huize Chaos. Aan zo'n dag kwam geen einde. Na het eten ging je dan nog naar Paradiso of de kroeg in of allebei en de volgende dag duurde dan weer eindeloos. Het was ook wel een kommervolle tijd. Er waren veel mensen met grote problemen. Drugs, drank, extreme armoede, er was nooit geld. Er waren heel weinig mensen die nieuwe kleren konden kopen. We moesten ons vaak behelpen met tweedehands afdankertjes. We ruilden heel veel onderling. Niet verzekerd, veel ziekte, incidenten, geweld, drama's. Het meest traumatisch was voor mij het enorme politiegeweld in 1980 rond de Vondelstraat eind januari en de Kroningsdag op 30 april. Dat heb ik van dichtbij meegemaakt. De geur van CS-gas is voor mij een tastbare slechte herinnering daaraan. In het najaar van 1980 ging ik naar Senegal. Ze bleken daar dezelfde ME-busjes te hebben als hier. Ik liep daar op straat en dook meteen een zijstraat in om er van daaruit naar te kijken. De Senegaleze jongeren op straat moesten daar erg om lachen. Daaruit bleek toch wel dat ik traumatisch gedrag vertoonde. Ik had vaak nachtmerries dat ik in elkaar geslagen werd door de ME. De ontruimingsdreiging in het Zebrahuis (ik heb daar 19 jaar gewoond) voel ik ook nog regelmatig. Elke keer als ik terugkwam van een reis en ik kwam uit de metro vroeg ik me weer af of het pand er nog stond. Die enorme druk is pas later van me afgevallen. Ik moest erg wennen aan de rust en vrede om me heen toen ik in een "normale" woning ging wonen. Onze generatie heeft daar toch wel een trauma aan overgehouden. We maakten een bepaalde maatschappelijke keuze.
    Kees: Je ziet dat ook terug in de documentaire De Stad Was van Ons van Joost Seelen. Daar komt iemand in voor die in elkaar geslagen was en bedreigd werd. Die had daar ook erg last van.
    Diana: Ik heb er ook een automatisch vooroordeel tegen de politie aan overgehouden.
    Er kunnen natuurlijk best situaties zijn waarin politieoptreden nuttig kan zijn, maar dat komt niet snel bij mij op. De politie is zeker niet de instantie die ik bel als er een probleem is.
    Dat heeft er denk ik ook mee te maken dat wij jarenlang geen enkele autoriteit hebben erkend, ook niet bijvoorbeeld onder de bewoners van een kraakpand. Toch staan er altijd figuren op die het voor het zeggen willen hebben en daar misbruik van maken. Daarnaast trekt het maatschappelijk gestoorden, asocialen en gekken aan. Voor dergelijke mensen kon een kraakpand een vrijplaats zijn. Zie bijvoorbeeld wat ik beschrijf in Kraker Jack over de leden van de Columbiaanse drugsmafia die in een kraakpand gingen logeren als een soort safehouse. Mensen die iets te verbergen hadden konden bij ons schuilen. Het waren in feite een soort sociale parasieten die misbruik maakten van de extreme tolerantie die in de kraakbeweging heerste. Die mensen werden niet snel op straat gezet, we bleven proberen om ze erbij te houden. Naast de repressie van buitenaf werd je dus ook van binnenuit bedreigd.
    Dat was dus een negatief aspect. Het Zebrahuis is uiteindelijk gesloopt, hoewel de gevel is behouden gebleven. We hadden graag gezien dat het voor ons zou worden opgeknapt, maar dat kon alleen als het lelijke HAT-eenheden zouden worden. Dat leek ons niks. Op die manier konden we niet de vrijplaats creëren die we voor ogen hadden. Uiteindelijk werd iedereen uitgeplaatst in het kader van de stadsvernieuwing en was het afgelopen.
     
     
    Hoewel we natuurlijk gedwongen waren een selectie uit de vele onderwerpen te maken, is toch bijna alles wat ik wilde vragen aan bod gekomen. Bedankt voor het interview, Diana !
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
     
    Lees meer...   (6 reacties)
    Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl